De evolutie van het stappen in Leiden (2004 – 2015)

De evolutie van het stappen in Leiden (2004 – 2015)

Toen ik voor het eerst op stap ging (2004) was er redelijk wat te bevelen in Leiden. Toen ik net 15 was kon je elke zaterdagavond naar Utopia. Een biertje kostte nog geen € 1,30. Van mijn zuurverdiende geld via een bijbaantje (Gemeente Leiden) werd het salaris voor de helft opgezopen op de zaterdag. Alles kon vrijwel. Je mocht als 15-jarige natuurlijk nog helemaal geen alcohol. Als je 01:00 vertrok bij Utopia kan ik je vertellen dat de hersens redelijk op non-actief stonden. Terug via de Vrouwenweg naar Leiden toe, als je ondertussen niet al 3x was gevallen. Dat was heel normaal.

Natuurlijk is Zoeterwoude wél een stukje fietsen. Je gaat je heil toch maar ergens anders zoeken. Pa en Ma zeiden altijd dat ik niet in de buurt van Malle Babbe / d’UB mocht komen. “Er komt daar alleen maar tuig, ga thuis een biertje drinken”. Als 15-jarige voel je jezelf zowat verplicht om daar eens te gaan kijken als je ouders zoiets zeggen. 😉 Ik kan me nog het Wijkfeest in de Stevenshof herinneren. We besloten na dit ‘feest’ met een groepje van 12 man naar Malle Babbe / d’UB te gaan. Het was toen nog vroeg, ik gok een uurtje of 19:00. Je had vroeger in d’UB zo een paal waaraan je kon hangen. Na 30 minuten binnen te zijn en met pullen tegelijk te hebben gezopen lagen er al wat mensen in die paal te hangen. De barman wist niet wat die mee maakte. Hij vroeg ons toch maar eens om legitimatie.. die had niemand natuurlijk op zak. Ik weet niet meer wie het was – maar die zei tegen de barman “Juh, lijp. We brengen binnen een uur meer omzet binnen dan de hele avond bij elkaar”. We mochten blijven.

Er ging die avond een wereld voor ons open. Opeens ben je op stap tussen de ‘grote mensen’. Keiharde muziek, zuipen in overvloed, stiekemen pakjes Marlboro kopen en binnen een uur alweer een nieuw pakje kopen. Wat me nog bijstaat van die avond is die onbezorgdheid bij iedereen. Niets moest, alles mocht. Met de nadruk van alles. Er gebeurden de gekste dingen. Zeker als na 00:00 de tussendeuren open gingen tussen Malle Babbe / d’UB. Van een ordinaire vechtpartij tot een meterslange polonaise – een paar meter verder. Mensen gingen vreemd, er werd drugs gebruikt, uitsmijters hadden hun handen vol. Maar bovenal; het was elk weekend een feest van jewelste.

Je nam elke week (want ja, we gingen echt elke week) het risico dat je een paar klappen voor je kanus kreeg. Maar dat maakte je toen niets uit. Als er iemand van je ‘beste’ vrienden op zaterdag meeging naar Malle Babbe / d’UB, ging je op de bonnefooi er alleen heen. Daar schudde je zo een 50% van wat er binnen was de hand en na een biertje of 10 waren het je beste vrienden geworden. Dat waren echt gouden tijden.

Ik herinner me dat het minder werd. Er kwamen steeds minder bekenden en het werd minder druk. Steeds vaker werden deze tenten overspoeld door ongure types die alles behalve in een feeststemming waren. Uitsmijters werden onvriendelijker, steeds minder bekenden.. de “Malle Babbe tijd” was over.

En wat moet je dan? Het zal zo ronde 2008-2009 zijn geweest. Mondjesmaat ging je nog weleens weg met wat vrienden. Rond de Beestenmarkt struikelde je bijna over de kroegen. Dan is er vast wel iets wat gezellig is, toch? Nee, eigenlijk niet. Sillies bestond niet meer, Malle Babbe ging je niet meer heen, De Hut lag toch iets te ver van je bed af, De Veste; te jong voor. Je ging maar wat kroegjes af, en af en toe kwam je uit bij InCasa. Maar dat was eigenlijk toen al verziekt. Nergens heb ik zo een agressieve sfeer gezien als in Danssalon InCasa. En dan heb ik het met name over de ‘Coebergh Afterparty’s. Ik kan me nog 2 maten herinneren die tot kneuzingen en bloed aan toe naar buiten zijn geslagen. De uitsmijters waren toen nergens te bekennen. InCasa is nu verleden tijd.

In 2009 (ik kan het mis hebben) was er opeens een nieuw café. Het zat aan de Oude Vest in Leiden. Eigenaar en uitbater Raymond Leest kende ik van naam – en bleek ook achteraf ‘achterfamilie’ te zijn. Toch maar eens een kijkje nemen. Bij het binnenstappen van deze kleine kroeg zag je vaak niet veel door de vele rookwalmen. Het deed een beetje Amsterdams aan qua inrichting. De gezelligheid straalde er vanaf. Elk weekend was er wel wat te doen. Op vrijdag meestal zangers, zaterdag groot feest en zondag na de voetbal een pintje pakken met die jongens.

Café m’n Schoonmoeder was toen echt ‘the place to be’ voor de bewonderaar van het Nederlandse lied. Zelden had je eigenlijk genoeg ruimte om er te kunnen staan. Wekelijks veel bekende gezichten en gigantisch leuke dingen meegemaakt. Ik kan me nog herinneren dat ik de streekderby FC Rijnland – Leidsche Boys speelde. In de wedstrijd schopte je elkaar nog net niet het ziekenhuis in, maar na afloop was het al snel gezellig. We zijn toen nog een keer met een man of 20 – met voetbaltas en al naar Café m’n Schoonmoeder gegaan. Ook al moest je de volgende dag werken, je wou het nog even leuk afsluiten met z’n allen. Maar waar ga je 20 voetbaltassen laten? Dat was geen enkel probleem in die tijd. Er werd binnen no-time een ruimte vrijgemaakt ergens achter en het zuipen kon beginnen!

Jarenlang – week in – week uit hebben we daar ons biertje gehaald. Tot het moment dt de klandizie minder werd. Er werden nog mondjesmaat feesten gegeven, maar de animo was weg. Dat blijf ik toch altijd gek vinden. Er is dan een nieuw café in Leiden – het loopt de eerste paar jaar als een trein. Er veranderd vrijwel niets (juist positief, iets wat goed is moet je niet veranderen!) en dan stopt de toeloop van publiek. Café m’n Schoonmoeder ging sluiten; wat nu?

In die tijd had je trouwens 2 keuzes qua café; Café m’n Schoonmoeder OF.. Ons Cafeetje! Uitbater Marina wist van ong. 25 m2 een waar feestpaleis te maken! Je moest er wel mazzel hebben dat het niet vol was. Ook daar hebben we een schitterende tijd meegemaakt. Wat ik me nog herinner is dat ik daar ooit netjes heb aangekondigd dat ik jarig was, en misschien die avond langs zou komen met een man of 25. Dat was geen probleem. Bij binnenkomst werden de shotjes al ingeschonken (tot 3x aan toe) en was het al snel gezellig. De gastvrijheid die er heerste in dat café was aandoenlijk. Helaas is dit café kopje ondergegaan door het rookverbod.

Ongeveer 600 meter verderop had je de Haagse Stal zitten. Een hele grote tent met elke week wel een leuk feest! Uitbaters Tamara en Patrick staan me nog bij als ‘zorgzaam’. Ik heb ooit eens 12 kaarten voor een feest moeten halen. Toen ik daar binnen kwam werd er eerst gevraagd wie ik was, en voor wie die kaarten waren. Ze wilden duidelijk weten wie ze binnen halen. Op het moment dat ik in een verkorte versie was ‘doorgelicht’ zat het allemaal goed. Gastvrije mensen, en óók in de Haagse Stal hebben we menig feestje meegemaakt.

In 2012 werd Leiden verrast door de opening van feestcafé ‘Hoppa!’. Dit zat op het Noordeinde, schuin tegenover de cocktailbar Fandango. We hoorden ervan en besloten maar is te gaan kijken. Hoppa was een schitterende tent. Misschien wel 25 meter langer, en erg smal. Het zorgde voor een geweldige sfeer. Leuke DJ’s, leuk personeel en bovenal leuke mensen! Ik heb in die tijd vaak gezegd dat het leek op het ‘oude Malle Babbe sfeertje’. Elk weekend feest en ik heb regelmatig meegemaakt dat ik er donderdag, vrijdag EN zaterdag was. Zo gezellig was het daar. Maar ook hier ging het mis. Na 2 jaar open te zijn geweest was er een grote terugloop van klandizie. En zo is er ook een einde gekomen aan het fenomeen ‘Hoppa’, want dat was het!

In 2014 werd ook ‘Café Leidsche Marie’ geopend. Echter werd deze op last van ‘een crimineel verleden van de uitbater’ door de gemeente Leiden gesloten.

En zo is er weer een café gesloten in Leiden.

Dan kom ik tot de strekking van dit artikel; alles wat leuk is verdwijnt in Leiden. Er zijn echt nog zat café’s in Leiden, maar dat is om rustig een biertje te drinken. Er is geen feestcafé meer. Durven ondernemers niet meer in te stappen, of ligt de Gemeente Leiden in de weg? Ik ben benieuwd naar jullie mening.

Share this post

Comments (5)

  • Maria riethoven Reply

    Mening? Nee realiteit. Het is de gemeente doe dit allemaal doet en heel veel ondernemers gaan er niet tegen in of durven niet.Deden ze het maar wel net zoals mij dan zouden ze er zelf ook achter komen dat het 1 corrupt zooitje is daar.Ze zeggen dingen en komen met argumenten dat dus helemaal niet klopt.maar ik maria riethoven eigenaresse van leidsche marie die vecht wel tegen hun en binnen een week wordt het bekend dat ik dus al die tijd gelijk had en niet hun.

    10 september 2015 at 17:33
    • Jordy Boutier Reply

      Succes Maria. interessant om te lezen en ik zou er echt niet gek van op kijken. Mocht je open gaan en in het gelijk gesteld worden ben ik benieuwd hoe de Gemeente Leiden je tegemoet gaat komen.. een kwartaal omzetderving is niet niks.

      11 september 2015 at 07:27
  • Ron de Wolf Reply

    als voormalig eigenaar van cafe part deux kan ik je vertellen dat de gemeente alles doet om gezelligheid tegen te werken , ik was de laatste maanden alleen nog maar aan het werk om mijn advocaat te betalen
    dan weer geluidsoverlast, dan weer betrapt worden op mensen na 2 uur na binnen te laten
    ik had het na 10 jaar wel gezien , de drukte bleef maar de aardigheid gaat er snel vanaf
    gelukkig gaat cafe leidse marie weer snel open en komt er weer een stukje gezelligheid terug

    10 september 2015 at 18:48
    • Jordy Boutier Reply

      Regels zijn er om aan te houden, maar ik ben het volledig met je eens. Het is meer ‘Ondernemertje’ pesten geworden, zeker voor de horeca in Leiden. Tenzij je aan je kroeg een maatschappelijke factor hangt zoals biologisch bier, of per gekocht biertje 1 cent naar Oeganda. Reken maar dat je dan subsidies krijgt.

      11 september 2015 at 07:29
  • Tjeerd Meijers Reply

    Volgends mij is de oude harmonie ook gesloten. Dat dan weer door de leeftijds verhoging op alcohol. LVC ook al tijdje dicht.
    Maar de gemeente Leiden veroorzaakt nog veel meer. Hoeveel winkels kennen we in leiden. En hoeveel hebben het langer vol gehouden dan 5 jaar. In de haarlemmerstraat zijn momenteel 15 lege winkel ruimtes. En wat komt er voor terug. Alles 1 euro shops.

    Alle leuke winkeltjes die in andere steden overal te vinden zijn zijn in heel leiden op 1 misschien 2 handen tellen. Oorzaak nummer1 de huur is bizar hoog. En de regeltjes en boetes vliegen je om de oren.

    Daarin tegen is/zijn de schatkist(en) van de gemeente Leiden overvol. Toch een fijn gevoel. Maar de stad Leiden herken je nauwelijks meer.

    11 september 2015 at 00:58

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *